75 jaar Cultuureducatiebeleid

In 1948 opent in het Stedelijk Museum in Amsterdam de tentoonstelling Kunst en Kind, waar directeur Willem Sandberg kindertekeningen toont als serieuze artistieke expressie. Sandberg acht kunstzinnige vorming wezenlijk voor de ontwikkeling van kinderen en voor de samenleving. De beweging van de ‘Vrije Expressie’, die na de tentoonstelling in Nederland volop aandacht krijgt, bekritiseert de dan bestaande kunstzinnige praktijken. De overtuiging groeit dat kunst niet alleen een zaak van kunstenaars is, maar ook van opvoeding, onderwijs en overheidsbeleid. Dat moment kiezen wij in ons boek als inspirerend begin voor de geschiedenis van het cultuureducatiebeleid.

Na 75 jaar is cultuureducatie verankerd in het curriculum op een groot aantal scholen in het primair en voortgezet onderwijs. Programma’s als Cultuur en School en Cultuureducatie met Kwaliteit hebben een landelijke infrastructuur opgeleverd van intermediairs, cultuurcoaches, internecultuurcoƶrdinatoren met daarnaast lectoraten kunsteducatie aan hogescholen en een hoogleraar cultuureducatie. Er zijn tal van mogelijkheden voor kunsteducatie in de vrije tijd. Tegelijkertijd leven kinderen en jongeren inmiddels in een digitale wereld waarin zij muziek produceren op laptops, beelden delen via sociale media en experimenteren met generatieve ai. Tussen 1948 en 2023 ontvouwt zich een geschiedenis van idealen, institutionalisering van beleid en blijvende vragen over toegankelijkheid en gelijke kansen.

Dat onderzoeken wij in ons boek aan de hand van twee vragen:
1. Is kunst- en cultuureducatie voor alle kinderen en jongeren even toegankelijk?
2. Bevordert het cultuureducatiebeleid van de overheid gelijke kansen voor alle kinderen en jongeren?



Na de tentoonstelling Kunst en kind richten bevlogen kunstdocenten De Werkschuit op - naar het idee van de Vrije Expressie: leerlingen van de Werkschuit in Amsterdam jaren vijftig