Wat leren kinderen van kunsteducatie
De verschillende disciplines van kunsteducatie kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Het gaat om beeldende kunst, muziek, theater en dans, maar ook om voorlezen, lezen en literatuur en audiovisuele media.
Belangrijk is het moment waarop kinderen met kunstzinnige activiteiten in aanraking komen: hoe eerder, hoe groter de kans op duurzame effecten. Ouders spelen hierin een doorslaggevende rol.
Van kunsteducatie worden kinderen niet automatisch creatief, sociaal of empathisch. Kunstzinnige vaardigheden ontwikkelen zich niet vanzelf door kinderen simpelweg in aanraking te brengen met kunst, door een lied te zingen of een tekening te maken. Het vraagt om doordachte werkvormen door de docent, afgestemd op de verschillende talenten en leerbehoeften van leerlingen.
Het bestuderen van de leeropbrengsten van kunsteducatie levert eeneenvoudig inzicht op: jong geleerd, jong gedaan. Daarom is voorlezen vanaf heel vroeg zo belangrijk. Ouders, de opvoeders zijn voor kinderen in eerste instantie de schakel in de kunstzinnige ontwikkeling van kinderen. Kinderen uit gezinnen met een academisch opleidingsniveau en rijke culturele omgeving verwerven makkelijker cultureel kapitaal, meer dan kinderen uit minder bevoorrechte gezinnen.
Dat maakt de rol van ouders, opvoeders én later leerkrachten en kunstdocenten op scholen cruciaal om kinderen al vroeg toegang te geven tot rijke kunstzinnige ervaringen. Het laat ook zien dat kinderen uit een minder welgestelde gezinnen zoals kinderen in armoede baat hebben bij een toegankelijk cultureel leerecosysteem.
Belangrijk is het moment waarop kinderen met kunstzinnige activiteiten in aanraking komen: hoe eerder, hoe groter de kans op duurzame effecten. Ouders spelen hierin een doorslaggevende rol.
Van kunsteducatie worden kinderen niet automatisch creatief, sociaal of empathisch. Kunstzinnige vaardigheden ontwikkelen zich niet vanzelf door kinderen simpelweg in aanraking te brengen met kunst, door een lied te zingen of een tekening te maken. Het vraagt om doordachte werkvormen door de docent, afgestemd op de verschillende talenten en leerbehoeften van leerlingen.
Het bestuderen van de leeropbrengsten van kunsteducatie levert eeneenvoudig inzicht op: jong geleerd, jong gedaan. Daarom is voorlezen vanaf heel vroeg zo belangrijk. Ouders, de opvoeders zijn voor kinderen in eerste instantie de schakel in de kunstzinnige ontwikkeling van kinderen. Kinderen uit gezinnen met een academisch opleidingsniveau en rijke culturele omgeving verwerven makkelijker cultureel kapitaal, meer dan kinderen uit minder bevoorrechte gezinnen.
Dat maakt de rol van ouders, opvoeders én later leerkrachten en kunstdocenten op scholen cruciaal om kinderen al vroeg toegang te geven tot rijke kunstzinnige ervaringen. Het laat ook zien dat kinderen uit een minder welgestelde gezinnen zoals kinderen in armoede baat hebben bij een toegankelijk cultureel leerecosysteem.
